top of page

De geur van nostalgie bij Bakker Maas aan de Seminarieweg

Tegenwoordig zou je het bijna niet meer raden, maar het huis aan de Seminarieweg 11 was ooit de locatie van een levendige bakkerij. Hier woont nu Janus Maas, de zoon en kleinzoon van de oorspronkelijke bakkers. Samen met zijn zus Johanna blikt hij terug op de bakkerij die hun opa en vader, voor het gemak beiden Janus, van 1920 tot 1980 runden. Het was een plek waar werk en gezin volledig in elkaar overvloeiden en waar elke dag begon nog voordat de zon opkwam.

Ovens en ochtendgeuren

Voor de familie Maas begon de dag vaak om vier uur ā€˜s nachts. Terwijl het gezin nog sliep, gingen de ovens aan, het meel werd gemeten en de eerste broden en baksels kwamen langzaam tot leven. ā€œWij sliepen nog als kinderen, maar je kon de geur al door het hele huis ruiken,ā€ herinnert Johanna zich. ā€œAf en toe gingen we stiekem al vroeg uit ons bed om te kijken hoe alles gemaakt werd.ā€



Brood en familie

De bakkerij zelf zat achter in het pand, de winkel vooraan en de woonkamer en keuken daar tussenin. Boven de bakkerij was de meelzolder gevestigd. Het huis ademde altijd bedrijvigheid. Vader Janus stond bij de oven, moeder Adriana, roepnaam Ad, runde de winkel en stak ook haar handen uit de mouwen in de bakkerij. Brood lag er doordeweeks, in het weekend kwamen de lekkernijen erbij: worstenbrood, eierkoeken, Parijse bollen en roombroodjes. Vooral rond de feestdagen was het een komen en gaan van klanten, vaak met manden vol. ā€œOp vrijdagmiddag stonden mensen van de voormalige lederwarenfabriek BaLeFa klaar voor hun worstenbroodjes,ā€ zegt Janus. ā€œIedere keer weer een klein feestje als die vers uit de oven werden gehaald.ā€


Van bakfiets tot bakkerij

De bakkerij bleef niet beperkt tot de winkel. Opa Janus reed met de bakfiets door de straten, het exemplaar dat nu nog steeds bij de Bavelse molen te bewonderen is, terwijl vader later met name de Ypelaar en Heusdenhout doorkruiste met een volgeladen auto. In de winkel werden naast brood en banket ook kleine kruidenierswaren verkocht, van suiker en koffie tot een paar blikken en potjes, zodat klanten alles bij elkaar konden halen. Familie stond altijd klaar om te helpen, van nichtjes tot buren.


Een leven tussen deeg en ovens

Toch waren er ook kleine avonturen en ongelukjes. Janus lacht bij de herinnering: ā€œIk heb ooit het suiker met zout verwisseld bij de roombroodjes, dat liep niet goed af. Maar het lekkerste waren de verse broodkorstjes, net van de broodsnijmachine, even pikken en proeven. Niets lekkerder dan dat.ā€


Het leven in en om de bakkerij was hard werken, maar ook vol warmte en gezelligheid. Vakanties waren zeldzaam vertelt Johanna: ā€œĆ©Ć©n keer per jaar gingen we met de Pelikaan bus naar de Zoo in Antwerpen. Op zondag was er rust en werd de kerk bezocht. Verder draaiden de ovens gewoon door. Werk, gezin, klanten, alles liep door elkaar heenā€. Het was intens, maar het gaf ook een familieband welke Janus en Johanna nooit zijn vergeten.


Uiteindelijk moesten omstreeks 1980 de ovens definitief staken. Vader Janus moest stoppen om gezondheidsredenen. Veel van de inventaris ging naar Bakker Van Kuijk, de oven werd afgebroken en op de plek van de meelopslag kwamen slaapkamers. In 2014 kwam er een aanbouw bij, maar de herinneringen aan de geur van vers brood, de vroege ochtenden en het huis vol familie blijven onveranderd.

Ā 


Opmerkingen


bottom of page